Reageren?

Ah! sociaal

De steinerschool beroept zich graag op haar sociale opgave. Dat heeft te maken met het feit dat ze is ontstaan uit een politieke vernieuwingsimpuls. Rudolf Steiner wilde met zijn ideeën over driegeleding (economisch, rechts- en geestesleven) de bestaande maatschappelijke verhoudingen op een hoger sociaal plan tillen. Steiners plan werd door de goegemeente verworpen. Zelfs zijn eigen antroposofische achterban toonde weinig tot geen interesse voor zijn politieke ambities. Men begreep niet dat de vereerde meester, een ingewijde in hoger weten, zich met ‘smerige politiek’ bezighield. De sociale vernieuwing zoals Steiner die graag had gezien, bleef dus uit. De maatschappij nam hem en zijn ideeën niet op. Toch had hij nog een stok achter de deur: onderwijs. Zijn goede vriend, de industrieel Emil Molt, liep al lang met het plan rond om een school voor de kinderen van zijn fabrieksarbeiders op te richten. Enkele weken nadat duidelijk was geworden dat Steiner geen invloed op het politieke leven kon laten gelden, stemde hij in om de leiding van de nog op te richten school op zich te nemen. Er diende zich hierdoor een mogelijkheid aan om de school een voorbeeld te laten zijn van wat hij voor ogen had met sociale driegeleding. Steiner zei daarover:
‘…We zouden deze school graag een voorbeeld willen laten zijn; een school waar veel mensen eigenlijk naar verlangen, maar men heeft niet de moed dit verlangen onder ogen te zien. Men zal moeten geloven en begrijpen, dat datgene wat we het sociale vraagstuk noemen, ten nauwste samenhangt met het onderwijsvraagstuk. En bovendien, dat datgene wat we sociale omwenteling noemen, zich in de eerste plaats moet voltrekken zoals we dat in de Vrije School proberen…’ [1]

Doordat Steiners geesteskind van bij de conceptie een sociale opgave meekreeg, zouden de antroposofische uitgangspunten via de school een plaats op maatschappelijk gebied kunnen verwerven.

[1] R. Steiner & M. Boeke, Vrijheid van onderwijs en sociale driegeleding, Nearchus C.V. 1990